+31 6 4687 21 32 info@kz-mamaswondertje.nl

Zwangerschap

 

 

De eerste maand

De grootste kans om zwanger te worden is rond de eisprong. De eisprong wordt ook wel ‘ovulatie’ genoemd. De eisprong vind 14 dagen voor je menstruatie plaats en houd een paar dagen aan. Als je zwanger bent, merk je dat in het begin niet. Hier kom je pas achter als je niet menstrueert wanneer dat zou moeten. Als de eicel is bevrucht, deelt de eicel zich in drie groepjes. De groepjes nestelen zich in de baarmoederslijmvlies. Deze drie groepjes ontwikkelen zich tot een baby.

Lengte van de baby einde van de maand: 0,2 mm / Gewicht van de baby: 0,0 gram

De tweede maand

Het vormpje heeft al een lichaamsvorm gekregen van een echt mensje. Na 8 weken heeft het lichaam van de baby alle organen ontwikkelt. Zelf kan je last hebben van misselijkheid, een opgeblazen gevoel, vermoeidheid, emotioneel zijn etc. Ook de hersenen en het zenuwstelsel is al in volle ontwikkeling.

Lengte van de baby einde van de maand: 3 cm / Gewicht van de baby: 5 gram

De derde maand

De botjes van de baby beginnen zich te vormen en te ontwikkelen. Deze botjes zullen allemaal uit kraakbeen bestaan. In de loop van de tijd zal zich dit naar kalk vormen. De baby krijgt nu echt een gezichtje. Bij sommigen zal de baby zijn/haar duimpje in de mond doen en gaan zuigen. De hartslag zal hoorbaar kloppen met 120 slagen per minuut. Ook zal je je broeken niet meer makkelijk kunnen passen deze maand.

Lengte van de baby einde van de maand: 8 cm / Gewicht van de baby: 60 gram

De vierde maand

In deze maand krijgt de baby donshaartjes. Ook worden de wenkbrauwen en wimpers gevormd. Op een gegeven moment gaat de baby geluiden horen. Eerst alleen in de baarmoeder, maar aan het einde van de vierde maand ook van buitenaf. Doordat de baby geluiden hoort, kan het reageren op bewegingen. Er ontstaan in deze periode kleine puntjes (talgklieren) onder de tepels. Dit is om de vochtigheid in stand te houden zodat het niet uitdroogt.

Lengte van de baby einde van de maand: 17 cm / Gewicht van de baby: 200 gram

De vijfde maand

Je begint steeds meer aan te komen en dat kan je ook merken bij je heupen, billen en dijen. De baby heeft nu meer ruimte in de baarmoeder om lekker heen en weer te bewegen, dit zul je veel merken. Op een gegeven moment gaat de baby een favoriete slaaphouding aannemen. Ook kan de baby ‘ademhalen’ en slikken.

Lengte van de baby einde van de maand: 25 cm / Gewicht van de baby: 400 gram

De zesde maand

De oogjes van de baby zullen soms open gaan. Als je met je hand of de wang van je partner tegen de buik aan komt, dan zal de baby naar deze warme plek toedraaien. Hiervoor zal je je wel volledig moeten ontspannen. Als je partner de hartslag wil horen van de baby, dan kan dit der mate van een wc rolletje. Je zet hem 10 cm onder de navel en luister je met je oor aan de bovenkant van het rolletje.

Lengte van de baby einde van de maand: 30 cm / Gewicht van de baby: 800 gram

De zevende maand

De baby groeit nu ontzettend hard. Deze periode worden de smaakpapillen in de mond van de baby ontwikkelt. Als de baby te vroeg wordt geboren in deze periode, dan zou het levensvatbaar zijn. De baby heeft alleen erg weinig weerstand en moet in een couveuse liggen tot het sterk genoeg is.

Lengte van de baby einde van de maand: 38 cm / Gewicht van de baby: 1500 gram

De achtste maand

In deze periode zal je misschien last hebben van een harde buik. Dit is erg normaal. Dit wil zeggen dat de bevalling er aan zit te komen. De baby draait met zijn hoofdje naar beneden. Soms blijven ze zitten met het hoofdje naar boven, dit wordt een stuitligging genoemd. Deze maand moet je erg rustig aan doen, en veel rust nemen.

Lengte van de baby einde van de maand: 45 cm / Gewicht van de baby: 2600 gram

De negende maand

Je bent nu ongeveer zo een 12 kilo aangekomen. Dit verschilt per persoon. De bevalling komt er spoedig aan, en dit betekent dat je uitgerust moet zijn voor je er aan begint. Als je weeën krijgt, betekent dit dat het hoofdje naar onder word gedrukt. Dit is geen fijn gevoel. Als de baby door het geboortekanaal heen gaat, wordt de navelstreng afgekneld waardoor de baby niet veel zuurstof kan krijgen. Hierdoor kan de baby duizelig worden en het hartje gaat sneller kloppen. Als na de bevalling de baby voldoende zuurstof krijgt, wordt de navelstreng doorgeknipt.

Lengte van de baby einde van de maand: 49 cm / Gewicht van de baby: 3400 gram

Als je zwanger bent, let je extra op vitamines en mineralen in de juiste hoeveelheden. Over het algemeen word je tijdens je zwangerschap minder actief en verbrand je minder energie. Het is dus nodig om extra gezond te eten en de juiste vitamines en mineralen binnen te krijgen. Het kan verstandig zijn (zeker als je erg moe bent of veel overgeeft) om een multivitaminenpreparaat te nemen dat speciaal is samengesteld voor zwangere vrouwen.

Je hebt tijdens je zwangerschap sowieso een verhoogde behoefte aan de volgende vitamines en mineralen:

Foliumzuur

Is belangrijk voor de ontwikkeling van het zenuwstelsel van je baby, in de eerste negen weken van de zwangerschap. Foliumzuursuppletie is eigenlijk al nodig voordat je daadwerkelijk zwanger bent. Het advies is om vier weken voor tot acht weken na de bevruchting dagelijks 400 microgram extra foliumzuur te slikken. Dit houdt in tot de tiende week van de zwangerschap, wanneer je telt vanaf je laatste menstruatie.

Foliumzuur komt van nature onder meer voor in spruitjes, spinazie, broccoli en peulvruchten. Het is wetenschappelijk bewezen dat het de kans op onder andere een open ruggetje bij pasgeboren baby’s verkleint. Dit is een aangeboren afwijking waarbij de wervelkolom of schedel niet volledig is gesloten. En omdat het open ruggetje al in het begin van de zwangerschap wordt gevormd, is juist dan suppletie nodig.

Vitamine C

Zorgt voor een natuurlijke weerstand en helpt je lichaam bij het opnemen van ijzer. Het zit vooral in citrusvruchten, aardbeien, kiwi’s en verse groenten.

IJzer

Is nodig voor de aanmaak van rode bloedcellen, die zorgen voor het vervoeren van zuurstof door het lichaam. Tijdens je zwangerschap is je behoefte verhoogd, omdat bloed wordt aangemaakt voor jezelf en voor je baby. Hoe verder je zwangerschap vordert, hoe hoger de behoefte wordt. De verloskundige controleert regelmatig het hemoglobinegehalte in je bloed, wat een indicatie geeft over de hoeveelheid ijzer in je lichaam.

Je haalt ijzer onder andere uit vlees, eieren, peulvruchten, gedroogd fruit en noten. Indien nodig schrijft je verloskundige ijzersuppletie voor. Tip: drink een glas sinaasappelsap tijdens je broodmaaltijd. Vitamine C bevordert namelijk de ijzeropname van plantaardige voedingsmiddelen.

Vitamine D

Vanaf de derde maand heeft je lichaam extra vitamine D nodig voor de aanmaak van botten. Deze vitamine is onder andere nodig voor het vormen van een stevig skelet. De noodzakelijke hoeveelheid vitamine D is te groot om uit je voeding te kunnen halen; een supplement biedt uitkomst. Informeer bij de apotheek / verloskundige wat voor jou goed is.

Vitamine A

Voor een goede ontwikkeling van je kind is de vitamine A behoefte licht verhoogd. Je vindt het in met name in lever, halvarine, bak- en braadproducten, vis en melkproducten. Daarnaast kan je lichaam uit bètacaroteen ook vitamine A maken. Bèta-caroteen vindt je vooral in felgekleurde groente en fruit en in groene bladgroente.

Te weinig vitamine A tijdens je zwangerschap kan leiden tot verminderde weerstand bij je kind als hij volwassen is. Dit heeft vermoedelijk te maken met de hoeveelheid retinolzuur. Dit is een stof die wordt gemaakt uit vitamine A. Als daarvan meer beschikbaar is tijdens de zwangerschap, worden de lymfeklieren van je kind groter. Deze zorgt voor een efficiëntere afweer. Bijvoorbeeld als een virus het lichaam binnendringt: de lymfeklieren zetten het afweersysteem in werking. Je hoeft je met een normaal eetpatroon geen zorgen te maken dat je te weinig vitamine A binnenkrijgt.

Let op: teveel vitamine A kan schade aan je ongeboren kind veroorzaken. 100 gram lever bevat al veel meer vitamine A dan veilig is op een dag. Neem dit daarom niet tijdens je zwangerschap en neem per dag ook niet meer dan één boterham met leverproducten als leverworst, leverkaas of paté.

Calcium

Is tijdens de zwangerschap extra belangrijk voor een stevig skelet voor jezelf, maar natuurlijk ook voor je baby! Voor een goede spierwerking en bloedstolling heb je calcium nodig. Calcium komt met name voor in zuivelproducten en, in kleinere hoeveelheden, in groente. Enkele andere vitamines hebben ook een zogenoemde veilige bovengrens. Het is daarom af te raden om supplementen te nemen met heel hoge doseringen.

Een vitaminesupplement speciaal ontwikkeld voor zwangere vrouwen is het meest praktisch. Het is raadzaam om advies te vragen bij de apotheker / verloskundige.

Tijdens je zwangerschap zul je heel wat bezoekjes brengen aan je verloskundige. Maar doet een verloskundige allemaal. De verloskundige is ervoor opgeleid om je baby in de gaten te houden. Ze is bij de verschillende stadia van de zwangerschap betrokken en heeft een informerende en controlerende functie om eventuele complicaties tijdens de zwangerschap te voorkomen of vroegtijdig te behandelen. De verloskundige houdt je ongeboren kind tijdens je zwangerschap in de gaten en is aanwezig tijdens de bevalling. Wat doet een verloskundige?

  • Je gezondheid in de gaten houden en kijken of je je emotioneel goed voelt.
  • Voelen of de baby zich goed ontwikkelt en groeit.
  • Voorlichting en advies geven, zodat je zwangerschap normaal kan verlopen.
  • Vertellen over en je voorbereiden op de bevalling.
  • Vertellen over het aanstaande ouderschap.
  • Eventuele complicaties signaleren en al dan niet doorwijzen naar een gynaecoloog (risicoselectie).
  • Een vertrouwensrelatie met jullie, de aanstaande ouders, opbouwen.

Tijdens de zwangerschap

Als je net zwanger bent, zeker van je eerste kind, zul je veel vragen hebben. Deze kun je allemaal aan de verloskundige stellen. Het eerste contact met de verloskundige heb je als je ongeveer 6 weken zwanger bent. Je kunt dan een verloskundigenpraktijk bij jou in de buurt bellen om een afspraak te maken voor een intake. Meestal is dit tussen de 7 en 10 weken. Je maakt kennis met de verloskundige en er wordt een dossier aangemaakt met gezondheid gerelateerde zaken van jou en je partner. Tijdens deze afspraak wordt ook de uitgerekende datum vastgesteld en krijg je meer informatie over zwangerschap en het prenataal- en bloedonderzoek.

Tijdens de eerste controle, meestal rond de 10 weken, wordt de termijnecho gemaakt om de uitgerekende datum definitief vast te stellen en wordt er gekeken of het hartje klopt en of de aanleg van je kind in orde is. Het maken van een echo gebeurt meestal in de verloskundigenpraktijk of bij een echocentrum.

Later in de zwangerschap controleert de verloskundige tijdens iedere controle je ongeboren baby. Ze kijkt naar de ligging, de groei en ontwikkeling van je kind en luistert naar zijn hart. Ook jij wordt in de gaten gehouden door onder andere je bloeddruk te meten. Als je bijna 20 weken zwanger bent, vertelt de verloskundige je ook meer over het Structureel Echoscopisch Onderzoek (SEO), ook wel de 20-wekenecho genoemd. Bij deze echo wordt onderzoek gedaan naar eventuele lichamelijke afwijkingen bij je ongeboren baby. De 20-wekenecho wordt vergoed vanuit de basiszorgverzekering.

Rond de 34e week van je zwangerschap krijg je informatie over wanneer je moet bellen voor de bevalling. Je laat de verloskundige weten wat jullie wensen zijn omtrent de bevalling en de kraamtijd. Bijvoorbeeld of je thuis of in het ziekenhuis (poliklinisch) wilt bevallen, hoe je wilt bevallen (in bad, op de baarkruk of liggend in bed). Dit kun je ook opnemen in een zogeheten geboorteplan.

Tijdens de bevalling

Omdat je al vroeg in je zwangerschap wordt gecontroleerd, weet de verloskundige precies hoe je zwangerschap is verlopen. Dat helpt bij de bevalling: je hoeft niets uit te leggen en kunt je volledig op de bevalling richten.

Als je thuis wilt bevallen, is de verloskundige aanwezig om je te begeleiden. Ook bij een poliklinische bevalling in het ziekenhuis begeleidt de verloskundige je. Heb je een medische indicatie of zijn er tijdens de bevalling complicaties, dan wordt de zorg overgedragen aan de gynaecoloog. Bijvoorbeeld als de bevalling onvoldoende vordert, of als de baby blijkt in het vruchtwater gepoept te hebben. Als je tijdens de bevalling medicamenteuze pijnbestrijding wil, wordt je ook overgedragen. Als je goed contact hebt met je verloskundige, kun je haar vragen of ze erbij kan blijven, ter ondersteuning. Maar over het algemeen neemt de gynaecoloog of de klinisch verloskundige de zorg dan over.

Tijdens en na de kraamtijd

De verloskundige komt in de eerste 10 dagen na de bevalling een aantal keren bij je thuis langs voor controle. Als je baby ongeveer 6 weken is, evalueert de verloskundige in een afsluitend gesprek de complete zwangerschap. Hierbij komen onder andere de zwangerschap, bevalling en kraamtijd aan bod. Ook controleert de verloskundige of je lichaam goed genoeg herstelt en wordt anticonceptie besproken. De jeugdgezondheidszorg neemt hierna de zorg over je baby over.

Tijdens je zwangerschap zul je heel wat bezoekjes brengen aan je verloskundige. Maar doet een verloskundige allemaal. De verloskundige is ervoor opgeleid om je baby in de gaten te houden. Ze is bij de verschillende stadia van de zwangerschap betrokken en heeft een informerende en controlerende functie om eventuele complicaties tijdens de zwangerschap te voorkomen of vroegtijdig te behandelen. De verloskundige houdt je ongeboren kind tijdens je zwangerschap in de gaten en is aanwezig tijdens de bevalling. Wat doet een verloskundige?

  • Je gezondheid in de gaten houden en kijken of je je emotioneel goed voelt.
  • Voelen of de baby zich goed ontwikkelt en groeit.
  • Voorlichting en advies geven, zodat je zwangerschap normaal kan verlopen.
  • Vertellen over en je voorbereiden op de bevalling.
  • Vertellen over het aanstaande ouderschap.
  • Eventuele complicaties signaleren en al dan niet doorwijzen naar een gynaecoloog (risicoselectie).
  • Een vertrouwensrelatie met jullie, de aanstaande ouders, opbouwen.

Tijdens de zwangerschap

Als je net zwanger bent, zeker van je eerste kind, zul je veel vragen hebben. Deze kun je allemaal aan de verloskundige stellen. Het eerste contact met de verloskundige heb je als je ongeveer 6 weken zwanger bent. Je kunt dan een verloskundigenpraktijk bij jou in de buurt bellen om een afspraak te maken voor een intake. Meestal is dit tussen de 7 en 10 weken. Je maakt kennis met de verloskundige en er wordt een dossier aangemaakt met gezondheid gerelateerde zaken van jou en je partner. Tijdens deze afspraak wordt ook de uitgerekende datum vastgesteld en krijg je meer informatie over zwangerschap en het prenataal- en bloedonderzoek.

Tijdens de eerste controle, meestal rond de 10 weken, wordt de termijnecho gemaakt om de uitgerekende datum definitief vast te stellen en wordt er gekeken of het hartje klopt en of de aanleg van je kind in orde is. Het maken van een echo gebeurt meestal in de verloskundigenpraktijk of bij een echocentrum.

Later in de zwangerschap controleert de verloskundige tijdens iedere controle je ongeboren baby. Ze kijkt naar de ligging, de groei en ontwikkeling van je kind en luistert naar zijn hart. Ook jij wordt in de gaten gehouden door onder andere je bloeddruk te meten. Als je bijna 20 weken zwanger bent, vertelt de verloskundige je ook meer over het Structureel Echoscopisch Onderzoek (SEO), ook wel de 20-wekenecho genoemd. Bij deze echo wordt onderzoek gedaan naar eventuele lichamelijke afwijkingen bij je ongeboren baby. De 20-wekenecho wordt vergoed vanuit de basiszorgverzekering.

Rond de 34e week van je zwangerschap krijg je informatie over wanneer je moet bellen voor de bevalling. Je laat de verloskundige weten wat jullie wensen zijn omtrent de bevalling en de kraamtijd. Bijvoorbeeld of je thuis of in het ziekenhuis (poliklinisch) wilt bevallen, hoe je wilt bevallen (in bad, op de baarkruk of liggend in bed). Dit kun je ook opnemen in een zogeheten geboorteplan.

Tijdens de bevalling

Omdat je al vroeg in je zwangerschap wordt gecontroleerd, weet de verloskundige precies hoe je zwangerschap is verlopen. Dat helpt bij de bevalling: je hoeft niets uit te leggen en kunt je volledig op de bevalling richten.

Als je thuis wilt bevallen, is de verloskundige aanwezig om je te begeleiden. Ook bij een poliklinische bevalling in het ziekenhuis begeleidt de verloskundige je. Heb je een medische indicatie of zijn er tijdens de bevalling complicaties, dan wordt de zorg overgedragen aan de gynaecoloog. Bijvoorbeeld als de bevalling onvoldoende vordert, of als de baby blijkt in het vruchtwater gepoept te hebben. Als je tijdens de bevalling medicamenteuze pijnbestrijding wil, wordt je ook overgedragen. Als je goed contact hebt met je verloskundige, kun je haar vragen of ze erbij kan blijven, ter ondersteuning. Maar over het algemeen neemt de gynaecoloog of de klinisch verloskundige de zorg dan over.

Tijdens en na de kraamtijd

De verloskundige komt in de eerste 10 dagen na de bevalling een aantal keren bij je thuis langs voor controle. Als je baby ongeveer 6 weken is, evalueert de verloskundige in een afsluitend gesprek de complete zwangerschap. Hierbij komen onder andere de zwangerschap, bevalling en kraamtijd aan bod. Ook controleert de verloskundige of je lichaam goed genoeg herstelt en wordt anticonceptie besproken. De jeugdgezondheidszorg neemt hierna de zorg over je baby over.

Contact

+31 6 4687 21 32

info@kz-mamaswondertje.nl

Aanmelden

Ben je zwanger? Gefeliciteerd! Wij helpen je graag om van deze spannende tijd een heel bijzondere periode te maken.